Make your own free website on Tripod.com

Bossche Bedrijfs Tafeltennis Federatie (B.B.T.F.)

 


Opgericht:

14 September 1954

 

 

 

Competitie-reglement

 

 

 

Algemene bepalingen

 

Artikel 1

Dit reglement heeft betrekking op de jaarlijkse competitie die de B.B.T.F. organiseert en alle wedstrijden die daaruit voortvloeien.

In dit reglement wordt verstaan onder:

  1. “verenigingen”: de bij de B.B.T.F. aangesloten verenigingen;
  2. “speler(s)”: leden (m/v) van bij de B.B.T.F. aangesloten verenigingen die deelnemen aan de B.B.T.F.-competitie

 

Artikel 2

De competitie wordt gespeeld in de maanden oktober tot en met april. Er wordt uitsluitend gespeeld op maandag tot en met vrijdag in de avonduren.

 

Artikel 3

De competitie wordt gespeeld in klassen van maximaal 12 teams waarbij de indeling naar sterkte geschiedt. De uiteindelijke indeling behoeft goedkeuring van de Algemene Ledenvergadering, op voordracht van de competitieleider, gehoord het bestuur.

 

Artikel 4

Aan de competitie kunnen zowel dames als heren deelnemen in al dan niet gemengde teams.

 

Artikel 5

De minimale leeftijd voor deelname aan de competitie is 18 jaar. De competitieleider is bevoegd, van deze leeftijdseis compensatie te verlenen. Verlening van compensatie kan maximaal één speler per team betreffen.

 

Artikel 6

De verantwoordelijkheid voor hetgeen met de competitie samenhangt berust bij het B.B.T.F.-bestuur.


Artikel 7

Één der bestuursleden treedt op als competitieleider. De taak van de competitieleider omvat onder meer:

1.        het samenstellen van de wedstrijdroosters;

2.        het bijhouden van de opgegeven teamsamenstellingen en de reservespelers;

3.        het controleren van ingezonden wedstrijdformulieren;

4.        het bijhouden van standen en uitslagen en de periodieke publicatie daarvan;

5.        het vaststellen van speeldata van de achtkampen en de nacompetitie en het tijdig uitnodigen van de betrokken spelers c.q. teams;

6.        het bemiddelen in geschillen en problemen aangaande de competitie en het zonodig nemen van beslissingen terzake;

7.        het zonodig vaststellen van vervangende uitslagen bij niet gespeelde wedstrijden.

 

 

Deelname aan de competitie

 

Artikel 8

Verenigingen zijn verplicht om minimaal 1 week voorafgaand aan de jaarlijkse Algemene Ledenvergadering van de B.B.T.F. een opgave te doen van de deelnemende teams en de daarvoor uitkomende spelers.

 

Na deze vergadering worden voor het komende seizoen geen nieuwe verenigingen en/of nieuwe teams tot de competitie toegelaten, behoudens instemming van de competitieleider èn de betrokken verenigingen.

 

Na aanvang van de competitie is het toetreden van nieuwe verenigingen en/of nieuwe teams pas mogelijk in het opvolgende seizoen.

 

Artikel 9

Verenigingen zijn, behoudens de artikelen 5 en 15 van dit reglement, bevoegd om lopende het seizoen nieuwe spelers toe te voegen aan de teams.

Van een toevoeging van een nieuwe speler wordt melding gemaakt op het wedstrijdbriefje van de wedstrijd, waarbij de nieuwe speler lid voor het eerst heeft meegespeeld.

 

Artikel 10

Verenigingen dienen er voor zorg te dragen dat de speelaccommodatie voldoet aan de door de competitieleider daaraan te stellen eisen.

Indien de accommodatie naar het oordeel van de competitieleider niet voldoet, is deze – gehoord het bestuur – bevoegd de vereniging uit te sluiten van de competitie. Artikel 11, derde lid van dit reglement is in een dergelijk geval van overeenkomstige toepassing.


Artikel 11

1.        De competitieleider is bevoegd, een team uit de competitie te nemen indien redelijkerwijs kan worden vastgesteld dat het team de competitie niet in staat of niet bereid is, de competitie naar behoren uit te spelen.

2.        Van het niet in staat of niet bereid zijn de competitie naar behoren uit te spelen is in elk geval sprake, indien uiterlijk 1 week na afloop van de competitie het betrokken team 3 of meer wedstrijden niet heeft gespeeld.

3.        In gevallen als bedoeld in het tweede lid van dit artikel vervallen alle uitslagen van het betrokken team. Het team degradeert voorts automatisch naar een lagere klasse (voor zover van toepassing), een en ander onder uitdrukkelijk voorbehoud van andere door de competitieleider, gehoord het bestuur, te nemen (disciplinaire) maatregelen.

 

Artikel 12

Een team bestaat uit minimaal 3 spelers, die zijn aangesloten bij dezelfde vereniging. Een speler mag slechts voor één vereniging in de competitie uitkomen.

 

 

Invalregels

 

Artikel 13

Het is een speler toegestaan om in te vallen in een ander team van de vereniging, zulks onder de navolgende voorwaarden en beperkingen:

1.        een speler mag in geen geval invallen in een team, dat uitkomt in een lagere klasse dan de klasse waarin de betrokken speler is ingedeeld;

2.        een speler mag maximaal 2 maal per competitiehelft zonder verdere consequenties invallen in een ander team. Nadat het indirecte lid voor de 3e keer in een competitiehelft in een team invalt, wordt hij/zij aan dat team toegevoegd en mag hij/zij niet meer uitkomen voor het team, waarin hij/zij oorspronkelijk was ingedeeld, óók niet als invaller.

 

Artikel 14

Invallen van een speler in een team, dat in dezelfde klasse uitkomt als het team waarin de speler is ingedeeld, is mogelijk onder de navolgende voorwaarden en beperkingen:

1.        Indien de invallende speler zelf in een team is ingedeeld met een lager nummer, dan is het bepaalde in artikel 13, onder punt 2 van toepassing;

2.        Invallen van een speler die zelf is ingedeeld in een team met een hoger nummer dan het team waarin hij/zij invalt, mag maximaal 2 keer per team (dus niet per speler) en per hele competitie (dus niet per competitiehelft) geschieden.

 

Artikel 15

Tijdens nacompetitiewedstrijden is het opstellen van invallers of nieuwe spelers niet toegestaan.

 

Artikel 16

Behaalde wedstrijdpunten door spelers die ingevolge dit reglement niet speelgerechtigd zijn, komen toe aan de tegenstander.

 

 

Bepalingen met betrekking tot de competitiewedstrijden

 

Artikel 17

De competitiewedstrijden worden gespeeld volgens het door de competitieleider opgestelde wedstrijdrooster.

 

Artikel 18

In afwijking van het bepaalde in artikel 17 kunnen wedstrijden in onderling overleg tussen de betrokken teams worden verzet qua plaats en/of tijd, zulks onder de navolgende voorwaarden en beperkingen:

1.        Van de wijziging wordt onverwijld mededeling gedaan aan de competitieleider;

2.        Wedstrijden die meetellen voor de achtkampen mogen worden verzet tot uiterlijk de week, die volgt op de laatste week dat de wedstrijden voor de achtkampen meetellen;

3.        Overige wedstrijden kunnen tot maximaal één week na de laatste competitieweek worden ingehaald.

 

Artikel 19

1.        Een team dat zonder afzegging niet op komt opdagen op het vastgestelde tijdstip en de plaats van de competitiewedstrijd wordt, behoudens situaties van overmacht, 10 wedstrijdpunten in mindering gebracht, een en ander voorts onder uitdrukkelijk voorbehoud van nadere (disciplinaire) maatregelen van de competitieleider, gehoord het bestuur.

2.        Het verschijnen van een team met minder dan twee spelers staat gelijk aan niet-opkomen zonder afzegging.

3.        In de gevallen als bedoeld in voorgaande leden wordt de wedstrijd verzet met inachtneming van het bepaalde in artikel 18.

 

Artikel 20

1.        Indien van een team een speler ontbreekt, dan spelen de aanwezige spelers de tussen hen vastgestelde partijen. De niet gespeelde wedstrijden worden geacht met 2 maal 0-21 te zijn verloren door het team dat is opgekomen met twee spelers.

2.        Indien van beide teams een speler ontbreekt, dan wordt de wedstrijd gespeeld over 9 partijen. De wedstrijd tussen de twee niet opgekomen spelers vervalt.

 

Artikel 21

Van elk team treedt één speler lid op als aanvoerder. De aanvoerders dragen zorg voor:

1.        het juist en volledig invullen van het wedstrijdformulier;

2.        ondertekening en onverwijlde toezending van het wedstrijdformulier naar de competitieleider.

Eventuele opmerkingen ten aanzien van het verloop van de competitiewedstrijd worden op de achterzijde van het wedstrijdformulier geplaatst.


 

Promotie en Degradatie

 

Artikel 22

1.        Het team dat na afloop van de competitie het grootste aantal wedstrijdpunten heeft behaald, wordt kampioen en promoveert naar de naasthogere klasse (voor zover van toepassing).

2.        Indien twee teams gelijk bovenaan eindigen, is het onderlinge resultaat bepalend. Het onderlinge resultaat wordt bepaald door eerst de onderlinge wedstrijden, daarna het game-saldo. Indien ook het game-saldo gelijk is, wordt het team dat in de uitwedstrijd de meeste games heeft behaald, kampioen. Indien ook dit game-saldo gelijk is, worden de punten geteld.

 

Artikel 23

1.        Het team dat na afloop van de competitie het minste wedstrijdpunten heeft behaald, degradeert naar de naastlagere klasse.

2.        Indien twee teams gelijk onderaan eindigen, is het tweede lid van artikel 22 van overeenkomstige toepassing.

 

Artikel 24

Na afloop van de competitie wordt nacompetitie gespeeld, waarbij de nummers 2 in de tweede tot en met de laagste klasse spelen om een plaats in de naasthogere klasse tegen de als voorlaatste geëindigde teams in deze klassen.

 

Artikel 25

De nacompetitie vindt plaats op een door de competitieleider voorafgaand aan de competitie te bepalen plaats en tijdstip. Van dit tijdstip wordt niet afgeweken, tenzij alle deelnemende teams om verplaatsing hebben verzocht.

 

Indien een geplaatst team op de vastgestelde plaats en tijd niet kan of niet wil spelen, degradeert dit team naar de naastlagere klasse c.q. promoveert dit team niet.

 

 

Achtkampen

 

Artikel 26

Na afloop van de competitie vinden de achtkampen plaats, zijn de individuele kampioenschappen in de te onderscheiden klassen.

 

Artikel 27

Verenigingen dienen bij de opgave van de teams en spelers voor elke speler aan te geven of deze al dan niet mee wil doen aan de achtkampen.

 

Artikel 28

De wedstrijden die meetellen voor de achtkampen beginnen in de vijfde competitieronde en eindigen in de ronde nadat elk team één maal tegen iedere tegenstander heeft gespeeld.

 

Artikel 29

Van de in de achtkampperiode gespeelde wedstrijden vervallen van elke speler de slechtste resultaten, een en ander volgens het navolgende schema:

1.        Indien in de betrokken klassen 10 of meer teams spelen vervallen 3 wedstrijden;

2.        indien in de betrokken klasse minder dan 10 teams spelen (met inbegrip van situaties als geschetst in de artikelen 10 en 11) vervallen 2 wedstrijden.

 

Artikel 30

1.        Indien twee of meer spelers na aftrek van de slechtste resultaten gelijk eindigen, is het resultaat over de gehele achtkampperiode bepalend voor de onderlinge rangorde.

2.        Indien ook het resultaat over de gehele achtkampperiode gelijk is, is de onderling gespeelde wedstrijd bepalend voor de onderlinge rangorde.

3.        Indien in een geval als bedoeld in het tweede lid, eerste volzin, geen sprake is van een onderlinge wedstrijd, spelen de betrokken spelers allen mee.

 

 

Slotbepalingen

 

Artikel 31

Bij geschillen over de toepassing van dit reglement beslist het bestuur, op voordracht door de competitieleider.

 

Artikel 32

De competitieleider is, gehoord het bestuur, bevoegd van het bepaalde in dit reglement af te wijken indien strikte toepassing daarvan leidt tot een onbillijke situatie die door de omstandigheden niet wordt gerechtvaardigd (hardheidsclausule).